Cultuur is een gevaarlijk woord

 

De vorige blog eindigde met een vraag, en wel deze: kunnen wij afstand nemen van het systeem of de cultuur waar we deel van zijn – dus van het kapitalisme, de markt, de spektakelmaatschappij – en er een alternatief tegenover stellen?

Het is een vraag die niet kan worden beantwoord, omdat hij verkeerd – althans niet precies genoeg – gesteld is. Ik zal uitleggen waarom.  

Allereerst dit: cultuur is een gevaarlijk woord. Een woord dat staat voor alles en niets: voor kunst, wetenschap, technologie, traditie, geloof, politiek, morele waarden, kledingconventies, sociaal gedrag, rituelen, voorstellingen, symbolen. Het is een woord dat als argument en als verklaring gemakkelijk misbruikt kan worden.  

De term cultuur suggereert bijvoorbeeld dat er sprake zou zijn van een samenhangend geheel, een gesloten systeem dat leven en denken zou bepalen. Alsof mensen de gevangenen zijn van hun cultuur.

Praten over cultuur is, onder meer, een manier om het te hebben over collectieve identiteit. Dus ook over de verschillen tussen mensen en groepen. In het ergste geval fungeert het woord cultuur als een eufemisme voor ras – dat andere gevaarlijke (maar inmiddels wat uit de mode geraakte) woord.

In de wetenschap die erover gaat, de culturele antropologie, is dan ook betoogd dat het beter zou zijn om het woord cultuur voortaan te vermijden. Voorgesteld werd het hele begrip te ‘deconstrueren’ en de kunsten, de religieuze overtuigingen, de morele waarden enz. enz. in eerste instantie elk apart in hun eigen termen te bestuderen en pas later te bekijken welke verbanden met andere terreinen eventueel van belang kunnen zijn. De vermaarde Britse theoreticus Raymond Williams, een van de bekendste twintigste-eeuwse denkers over cultuur, schreef zelfs eens: ‘I don’t know how many times I’ve whished that I’d never heard the damned word.’

Dat neemt niet weg dat Williams over dit onderwerp belangrijke inzichten heeft geformuleerd. Ten eerste wees hij op de complexiteit van alle cultuur; ten tweede betoogde hij dat het nooit gaat om een statisch gegeven, maar steeds om een proces. Bepaalde aspecten kunnen meer of minder dominant worden, maar er zijn altijd tegenkrachten in het spel. Voortdurend worden nieuwe waarden, betekenissen, praktijken en relaties gecreëerd; tegelijkertijd zijn allerlei overblijfsels uit het verleden actief, bijvoorbeeld sommige door religie geïnspireerde waarden. Meestal worden die oude en nieuwe elementen in de loop der tijd door de dominante cultuur geheel of gedeeltelijk ingelijfd, maar soms kunnen zij zich handhaven en een mogelijk alternatief worden, of een vorm van oppositie.

Geen enkele productiewijze, dus geen enkele dominante maatschappelijke orde, dus geen enkele dominante cultuur omvat of verbruikt alle menselijke activiteit, alle menselijke energie, al het menselijk streven. Er is, schrijft Williams, altijd een praktisch bewustzijn – in specifieke relaties, vaardigheden of percepties – dat wel degelijk sociaal is, maar dat door een dominante orde wordt verwaarloosd, uitgesloten, onderdrukt of gewoon niet herkend. Bepaalde ervaringsgebieden zal die orde dan ook willen negeren, of terzijde schuiven, of als privé bestempelen, of veralgemenen als natuurlijk, of specialiseren als esthetisch.

Wat Raymond Willams de “dominante cultuur” noemde dringt nu dieper dan ooit door in ervaringen, praktijken en betekenissen welke tot voor kort relatief autonoom of vrij waren. Zo werden de kunsten, althans belangrijke delen ervan, ingelijfd in de “creatieve industrie”. De inlijving is echter niet compleet, want geen enkele dominante orde omvat of verbruikt alle menselijke activiteit, alle menselijke energie, al het menselijk streven. Ook (of juist) in de kunst zijn er ervaringen, praktijken en betekenissen die weerstand bieden. Om die reden moet de vraag waarmee dit artikel begon opnieuw en anders worden gesteld.

 

(wordt vervolgd) 

REACTIES

Reacties worden op prijs gesteld – mail uw bijdrage naar wimkranendonk@xs4all.nl

 

WILT U DEZE GALERIJ BLIJVEN VOLGEN ?

vul dan uw emailadres in en meld u aan –
u krijgt éénmaal per drie maanden bericht.